In het jaar dat ik 50 ben geworden (op 19 februari)  heb ik niet een boom geplant, krijg ik geen kind, maar komt mijn boek uit: God en geld.

Lees verder »

Thema:
 

Buma wil getuige zijn recente H.J. Schoo lezing de stem van de boze burger vertolken. Is dat een verloochening van het eigen christendemocratisch  gedachtegoed of juist niet?
CDA-Dudok debat op 26 september 2017, met inleidingen van Jan Prij en politicoloog Hans Vollaard, debat en borrel;  Inloop vanaf 19.30 uur start vanaf 20.00 uur. Welkom!

Lees verder »

Thema:
 

Wmo in CDA nooit goed begrepen

Interviews, 1 juni 2014, door Jan Prij

Kort Interview met Clémence Ross van Dorp in CDV zomer 2014 

Oud-staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en oud-CDA-Tweede Kamerlid.
Als staatssecretaris in het kabinet-Balkenende II was ze verantwoordelijk voor de totstandkoming en invoering van de Wet maatschappelijke ordening (Wmo).

‘Decentralisatie is geen doel op zich. Het moet logisch passen bij het subsidiariteitsbeginsel. De Wmo is in 2006 vormgegeven vanuit de principiële vraag van subsidiariteit, namelijk: op welke niveaus horen vormgeving en de uit- voering van het welzijnsbeleid te liggen?’
‘Ik heb gezegd: er moet een welzijnswet nieuwe stijl komen die aansluit bij de vermogens en wensen van burgers, uitgevoerd door de democratische laag die het dichtst bij de burgers staat. De taak van de landelijke overheid daarbij was om kaderstellende wetgeving te maken waarbinnen gemeenten vervolgens zelf voldoende beleidsmatige en financiële ruimte kregen om het een en ander op eigen wijze te realiseren. Dat het gebeurt moest wel goed omschreven zijn, hoe het gebeurt daarentegen niet.’
‘Voor mij persoonlijk was dat loslaten als rijksoverheid van die sturende bevoegdheid, op het “hoe”, geen enkel probleem. Het lastige was dat er weinig begrip bestond voor het uit het awbz-verzekeringspakket halen van bepaalde welzijnszaken die daar eigenlijk niet thuishoorden, maar waaraan langzamerhand iedereen gewend was geraakt. Vooral de verzekeraars hebben er groot financieel belang bij om van alles en nog wat in dat verzekerd pakket onder te brengen, met als gevolg uit de hand lopende premielasten en onnodige afhankelijkheid van de overheid.’

Lees verder »

Het trauma van Plato

Overwegingen en lezingen, 25 juni 2013, door Jan Prij

Utrecht, Studiegroep Publieke Dialoog, 25 juni 2013

“Wat is de relatie tussen filosofie en politiek
in het kader van de Socratische dialoog?”
Dat is vraag die aan de basis ligt van deze gesproken column.
En dat alles in een minuut of vijf.
-Het moet tenslotte wel een luchtig intermezzo zijn
en het eigenlijke vervolgprogramma dat draait ‘om de aard van het publieke’
niet al te zeer onder druk zetten.-
Toch is het nogal een heftige kwestie die op mijn bord is gelegd:
niets minder dan een moord staat hierbij centraal.
De melancholieke filosofe Hannah Arendt heeft er al eens op gewezen:
het is het trauma van Plato over de terechtstelling van Socrates
die de relatie tussen filosofie en politiek bepaalt.
Alleen door dit pijnpunt onder ogen te zien zal ons en passant
iets over de aard van de socratische dialoog worden geopenbaard.

Plato was wanhopig door de dood van zijn meester.
Het was op grond van de wetten van de stad Athene
dat Socrates veroordeeld werd.
Het waren de opinies van de magistraten in de polis
die tot dit onrechtvaardige en waardeloze oordeel kwamen.
Reden genoeg voor Plato om de politiek
en de common sense waar deze op dreef ten diepste te wantrouwen.
Een taak van de filosofie is sindsdien vooral
om de onhoudbaarheid van de gangbare opinies te laten zien.
In plaats daarvan zouden ze dienaren van het ene, het absolute ware, het absolute goede
en het absolute schone moeten zijn.
Maar het probleem is dat filosofen
als ze eenmaal ook in oog met het absolute hebben gestaan,
alleen maar kunnen stamelen.
Onbegrijpelijk voor de gewone mensen op straat.
Sindsdien zijn filosofen ook nog eens totaal ongeschikt geworden
voor het normale, praktische en werkzame leven.

Vanaf de moord op Socrates staat voor Plato de politiek model
voor het geroddel, de grilligheid en tijdelijkheid van het ondermaanse,
terwijl de filosofie model staat voor het zuivere,
de eeuwigheid en de onuitsprekelijke verwondering.
Sindsdien kleeft aan de politiek een smerig imago
en wordt de wijsbegeerte door een aureool van hemelse verhevenheid omstraalt.
Politiek zou draaien om machtsspelletjes en het geweldsmonopolie van de staat.
Filosofie daarentegen, bloeit op rond een liefde voor een ongrijpbare wijsheid
die zich niet door macht verblinden laat.

Toch is dit een betreurenswaardige vertekening van de werkelijkheid.
De traumatische ervaring van de dood van zijn meester
heeft Plato verleidt tot een schets van filosofie, het politieke en ‘de’ waarheid
die rechtstreeks tegen de opvattingen van zijn meester ingaat.
Voor Socrates bestaat er geen absolute waarheid.
Waarheid is relatief en laat zich alleen in meervoud ontdekken,
in relatie met anderen, in ontmoeting en de dialoog met partners
of in gesprek met jezelf.

Waarheid is ook geen privézaak van heersers en koning-filosofen
die vervolgens aan anderen kan worden opgelegd.
Ze vooronderstelt een openbare ruimte, dat wil zeggen een publieke ruimte, waarin we elkaar als gelijken ontmoeten.

Volgens Socrates is het de kunst om het waarheidsgehalte van iedere opinie te ontdekken
en als een vroedvrouw uit de ander geboren te laten worden,
juist omdat we zelf ‘de’ waarheid niet in pacht hebben.
In de ontdekking van het waarheidsgehalte in de opinie van de ander
vinden we onze vrijheid en kunnen we ons tot verantwoordelijke burgers ontwikkelen
die gezamenlijk vorm geven aan het goede leven.
Niet eens en voor altijd, maar steeds weer opnieuw, stukje bij beetje.
Dat is de ware aard van het politieke
en het democratisch aanmodderen
dat daar onvermijdelijk bij hoort.
Precies dit wijsgerig ethos heeft Socrates ons,
over zijn graf heen, nagelaten.
En alleen vanuit deze inspiratie is een levende,
toekomst scheppende dialoog in de publieke ruimte mogelijk.
Ik heb gezegd.

 

 

Thema:
 

Confessionele partijen maken God te klein

Publicaties, 15 december 2011, door Jan Prij

Artikel in Zicht, 2011-4, kwartaalblad Wetenschappelijk Instituut SGP, december 2011

De uitdaging voor de komende twintig jaar voor de confessionele partijen is te zoeken naar een verbreding van hun agenda. Ze dreigen in zichzelf gekeerde partijen te worden met weinig aantrekkingskracht voor potentiële nieuwe kiezers. God heeft een boodschap voor de wereld waarin christenen en niet christenen wonen. Het op alle vlakken serieus nemen van de norm van publieke gerechtigheid past daarbij.

Lees verder »

Thema:
 

Artikel in Filosofie & Praktijk, jaargang 32, nr. 2, zomer 2011

kopje theeJob Cohen noemde (als burgemeester van Amsterdam) theedrinken een ideaal bindmiddel om ‘de boel bij mekaar te houden’. Theedrinken staat volgens hem symbool voor fatsoen en gastvrijheid, een van de belangrijkste steunpilaren van onze samenleving. Maar voor Wilders en consorten is voor ‘theedrinken’ in de sfeer van het politieke geen plaats, theedrinken doe je thuis met vrienden en niet met vreemden en vijanden, theedrinken is ‘soft’ en staat voor gebrek aan daadkracht en een ontkenning van het gewelddadige karakter dat onvermijdelijk aan het politieke kleeft. Ook binnen de politieke filosofie neemt, geïnspireerd door de denkbeelden van Carl Schmitt, dit antagonistische machtsmodel gericht op vijandschap, conflict en de regulering van geweld een steeds belangrijker plaats in. Toch zouden we er goed aan doen de politieke deugd van het theedrinken weer te herontdekken. De politieke filosofie van Paul Ricoeur en Hannah Arendt kan ons daarbij behulpzaam zijn.

Lees verder »

Thema:
 

De verborgen zegeningen van islamisering

Publicaties, 20 februari 2011, door Jan Prij

Artikel in Nieuw Rotterdams Kerkblad, februari 2011

De PVV spreekt in uiterst negatieve termen over ‘de islamisering van Nederland’ en wil bij monde van Wilders ‘de waarheid spreken over de verderfelijke ideologie die islam heet’. Hoogste tijd om een ander, positief licht over de islamisering te laten schijnen.

Lees verder »

Thema:
 

In gesprek met Ernst Hirsch Ballin, Aart Jan de Geus & Pieter van Geel, in CDV, winter 2010 

Ernst Hirsch Ballin, Aart Jan de Geus en Pieter van Geel waren minister en staatssecretaris in de kabinetten-Balkenende. Nu maken ze – afzonderlijk – de balans op van het regeringsbeleid van de afgelopen acht jaren. De successen op sociaaleconomisch terrein staan voor hen buiten kijf. Alle drie benadrukken hoezeer de langetermijnoriëntaties in de politiek steeds meer onder druk zijn komen te staan.

Lees verder »

Thema:
 

Boekbespreking in Christen Democratische Verkenningen, herfst 2010

Karl Barth [1886-1968] wordt wel getypeerd als de theoloog van de 20e eeuw. Alleen al vanwege deze monumentale status is het terecht dat de uitgave van de Romeinen brief uit 1922 dit jaar voor het eerst in Nederlandse vertaling wordt uitgeven door Uitgeverij Boom, al zal Barth zelf ongetwijfeld met deze typering als ‘cultuurmonument’ bepaald niet blij zijn geweest. Juist hij schreef met zijn boek naar zijn gevoel dwars tegen de keer van de cultuur in.
Dat dat overigens vrijwel onmogelijk is, bleek ook uit de enorme weerklank die Barths werk kreeg, hetgeen voor Barth bepaald een ongemakkelijk gegeven was. ‘Het aanhoudende literaire en zakelijke succes van dit boek geeft mij te denken’ schrijft hij in het woord vooraf bij de vijfde editie. En dan in kenmerkende gepassioneerde stijl: ‘Ik meende indertijd, toen ik dit boek schreef, toch tegen de stroom in te zwemmen, op gesloten deuren te bonzen, niemand of maar heel weinigen naar de mond te praten. Heb ik mij daarin vergist? Wie kent zijn tijdgenoten, wie kent zichzelf helemaal?’

Lees verder »

Thema:
 

In gesprek met Paul Frissen, in Christen Democratische Verkenningen, Amsterdam is Ameland niet, lente 2010

Voor verstandige politiek is het essentieel dat politici op afstand staan van het volk. Deze distantie is noodzakelijk om tegenwicht te kunnen bieden aan opdringerige politiek, overmatige regeldrift en controlezucht. Zelfs de lokale overheid bezwijkt steeds vaker voor deze machtige verleidingen. De ruimte voor verschil in de samenleving komt hierdoor steeds meer onder druk te staan. De leiderschapscultus en de opkomst van populistische partijen zorgen bovendien voor een benauwd politiek klimaat, waarin geen ruimte is voor verstandige afwegingen en het sluiten van noodzakelijke compromissen.

Lees verder »

Thema: