Buma wil getuige zijn recente H.J. Schoo lezing de stem van de boze burger vertolken. Is dat een verloochening van het eigen christendemocratisch  gedachtegoed of juist niet?
CDA-Dudok debat op 26 september 2017, met inleidingen van Jan Prij en politicoloog Hans Vollaard, debat en borrel;  Inloop vanaf 19.30 uur start vanaf 20.00 uur. Welkom!

Wanneer en waar in het in kort
Wanneer: Dinsdag 26 september 2017
Waar: Dudok, Meent 88, Rotterdam
Hoe laat: 20.00 uur-22.00 uur, inloop vanaf 19.30 uur.

Hoe geeft het CDA als christendemocratische partij invulling aan zijn rol als volksvertegenwoordiger? Hoe heeft het CDA zijn gedachtegoed vormgegeven en hoe heeft het de stem van ‘het volk’ vertolkt? En welke stem dan precies, en van welk volk? En niet in de laatste plaats: welke raadgevingen krijgt het CDA mee voor de toekomst van het land dat het door wil geven, richting de gemeenteraadsverkiezingen van 2018?

‘Visie is als de olifant die het uitzicht belemmert’, had Rutte in de H.J. Schoo lezing van 4 jaar geleden nog gezegd.
Hij kreeg er de hoon van Nederlandse Pers over zich heen.
Maar als je dan vervolgens zoals Buma wél een visie formuleert
dan is het ook weer niet goed.
En krijg je zo mogelijk nog grotere bakken kritiek over je heen.
Over die H.J. Schoo lezing van Buma is veel te zeggen.
Er is bijvoorbeeld goed aan te haken bij het thema ‘gemeenschap’ en het verlangen daarna dat Buma hierin terecht articuleert.
Lange tijd gold Nederland als een min of meer gemeenschappelijk huis.
Dat huis zorgde voor een gedeelde burgerlijke cultuur, met gedeelde morele
intuïties en gedeelde gedragen instituties.
Inmiddels zijn we het zicht op die gemeenschap kwijt geraakt,
we zijn de sleutels kwijtgeraakt om het gemeenschappelijk huis binnen te kunnen treden.
Er lijkt alleen nog maar geloof te zijn in economische groei en morele autonomie, maar ondertussen profiteren heel veel mensen niet van de zogenaamde zegeningen van de zogenaamde vrije en globale markteconomie.
Er is groeiende onzekerheid op de arbeidsmarkt onder jongeren en laagopgeleiden en ook ouderen kunnen voelen dat ze niet meer vol meetellen in deze samenleving.
Ze merken dat ze een probleem zijn geworden, een object van beleid, een dure kostenpost in de zorg.
Ook autochtonen voelen zich minder thuis.
Het leidt tot weinig begrip en zelfs verwijdering tussen de bevolkingsgroepen Kim Putters directeur van het SCP verwoorde het eens kernachtig: “Moslimjongeren vragen zich af. Mogen we hier wel zijn? En het antwoord van hun omgeving is. Willen jullie hier wel zijn?”

***
Mensen maken zich zorgen om de samenleving en
Samenleven doe je niet alleen, maar wat hebben we dan precies samen?
Ik denk dat de lezing de goede vragen stelt, zolang het maar een uitnodiging is aan iedereen om aan de vormgeving van dat gemeenschappelijk huis bij te dragen ongeacht geloof, afkomst en opleiding.
Als de vrijheid en gelijkheid in onze moderne samenleving inderdaad de vrucht is van de joods-christelijke traditie, zoals Buma terecht beweert,
dan geldt dat natuurlijk ook voor niet-gelovigen en andersgelovigen.
Nu leek het er in de lezing op dat de joods-christelijke traditie vooral werd gebruikt om te definiëren wie wel en niet tot de gemeenschap behoort,
maar dat lijkt me niet de bedoeling.
Meer iets voor de PVV en zeker niet voor het CDA.

***
Maar goed over de vraag hoe gezond de vaderlandsliefde is die Buma voorstaat, kun je een hele boom opzetten, dat ga ik niet doen; dat wordt zelfs een onderwerp van een geheel nieuwe CDV in de winter.
(Houd deze uitgave voor onder de kerstboom in de gaten zou ik zeggen
en we kunnen het er uiteraard straks over hebben in het debat).
Zaak is denk ik allereerst voor nu om Buma’s inzet te begrijpen.
En die inzet is pas echt goed te begrijpen als we zien dat achter de rede van Buma een bepaald idee van volksvertegenwoordiging schuilt.
Er zijn twee basale hoofdvormen:
In het ene idee vertegenwoordig je het volk door de eigen uitgangspunten publieke gerechtigheid, solidariteit, rentmeesterschap en gespreide verantwoordelijkheid serieus te nemen: beginselpolitiek.

Het andere idee is om de stem van de burger serieus te nemen en te vertolken. Burgers voelen zich misschien niet meer zo aangesproken
door de klassiek en hoogdravend klinkende christendemocratische beginselen, maar ook hun stem telt.
Ook hun zorgen moeten serieus genomen worden in de politieke afweging.

***
Die strijd tussen twee visies op volksvertegenwoordiging zag je binnen het CDA concreet bij het ‘Nee’ tegen het Oekraïne referendum.
De Tweede Kamer fractie nam de tegenstem van 2.5 miljoen burgers serieus ‘als een politiek en democratisch niet naast te neer te leggen signaal’ terwijl de eerste Kamerfractie daarentegen besloot na weging basis van de eigen principes en de internationale context van het akkoord tot een andere afweging en ging wel akkoord.

***
Buma wil getuige zijn recente H.J. Schoo lezing de stem van de boze burger vertolken.
Dat betekent voor hem overigens vooral de zorgen van ‘de gewone’ burgers serieus nemen.
Is dat een verloochening van het eigen christendemocratisch gedachtegoed of juist niet?
Zo bezien is op deze vraag geen eenduidig ja of nee op te geven.
Dat mag dan in een populistisch tijdgewricht een zwaktebod zijn,
maar is het bepaald niet.
Vele kwesties zijn te ingewikkeld voor zulke eenvoudige antwoorden, een reden waarom referenda geen goed idee zijn, maar dit terzijde.

Buma zegt eigenlijk: we zijn misschien ook met ons eigen CDA verhaal te optimistisch geweest over de zegeningen van welvaart die iedereen als vanzelf ten deel zal vallen, maar is dat wel zo?
Hebben we wel voldoende over de inrichting van ons gezamenlijk huis nagedacht?
De afgelopen verkiezingscampagne in Nederland was eigenlijk vooral een strijd om de stem van de burger die teleurgesteld, die boos is afgehaakt op hetgeen de politiek gericht van economische globalisering, welvaart en individueel autonomie gebracht heeft (getuige bijvoorbeeld ook de Brexit en de verkiezing van Trump)
***
Ondertussen laten de eerste verkiezingsevaluatie in dit CDV nummer zien
dat het CDA niet goed gelukt is om de stemmen van de boze en teleurgestelde burgers (of de gewone man van Buma) te bereiken; de vooronderstelde stemmenwinst in Brabant en Limburg op de PVV is uitgebleven, zo toont een artikel van CDA-watcher P.G Kroeger in de bundel glashelder aan.

En als het CDA werkelijk gaat om gemeenschapszin
waar zijn dan de goedwillende burgers gebleven in het verhaal die zorgen dat het in Nederland over het algemeen wel goed gaat?’, die de dragers zijn van gezinnen, van scholen, van kerken, van bedrijven en van de voetbalclub?
Waarom zo meehuilen met de wolven?
Het CDA zou volgens analist Peter Cuyvers in dezelfde CDV bundel,
meer moeten geloven in zijn eigen goede boodschap die ook in de veerkracht van de samenleving zit, van die talloze barmhartige Samaritanen van autochtone en allochtone huize die haar elke dag dragen en die juist zorgen dat de samenleving niet uit elkaar valt.

***
Kortom: Als dan iedere stem telt, dan toch zeker die van alle goedwillende burgers die willen bijdragen aan het gemeenschappelijk huis (dat liefst nog duurzaam en eerlijk is ingericht ook).
Dan hebben we misschien richting de raadsverkiezingen van 2018 meer te leren van de campagne van Merkel dan van Trump of de PVV.
Dan is het zaak te laten zien wat de sleutels zijn van het gemeenschappelijk huis waarin iedereen meetelt, hoog en laag opgeleid, jong en oud, Nederlander en buitenlander.
***
Wat dat allemaal betekent voor CDA Rotterdam richting de gemeenteraadsverkiezingen van 2018 kan ik niet overzien.
Buma kan natuurlijk zijn verhaal houden en visie neerleggen over de staat van het gemeenschappelijk huis waarin we wonen,
-dat dus eigenlijk een pleidooi is om de zorgen van de te lang genegeerde bewoners serieus te nemen –
En wat mij betreft juist daarom expliciet de uitnodiging en mogelijkheid moet bieden aan iedereen om aan het gemeenschappelijk en duurzaam stevige huis mee te kunnen bouwen-

 

Thema: